Goden

In het universum van OdM zijn de Goden een reëel bestanddeel van de werkelijkheid. Ze wonen in de 5de sfeer, Alveran genaamd, van waaruit ze ook de paradijzen van de stervelingen beheren (de 4de sfeer zoals dat heet). De Goden zijn gebonden aan het mysterium van Kha (eerste sfeer…) zodat ze niet zomaar voortdurend mogen of kunnen ingrijpen in de Deerse werkelijkheid (de derde sfeer, volgt u nog?). Daarom kiezen ze een aantal dienaars uit, die ze een miniem deel van hun karmatische (scheppende) krachten geven, zodat deze de idealen van hun godheid kunnen bevorderen op Dere.

Iedere Avonturijn weet dat er exact 12 echte Goden zijn (en dan nog een bende halfgoden en zogenaamde Alveraniaren ofte “paradijsbewoners”) en de rest dus afgoden zijn.

De twaalf Goden zijn in volgorde:

1. Praios, god van de zon, de wet en het gerecht
2. Rondra, godin van de (eerlijke) strijd en de donder
3. Efferd, god van zee, water en luchtstromen
4. Travia, godin van de gastvrijheid en het gezin
5. Boron, god van de dood en de slaap
6. Hesinde, godin van de wetenschap en de kunsten
7. Firun, god van de winter en de jacht
8. Tsa, godin van de vruchtbaarheid en de vrede
9. Phex, god van dieven en handelaars
10. Peraine, godin van de akkerbouw en de geneeskunde
11. Ingerimm, god van de smederij en de handwerkers
12. Rahja, godin van de (fysieke) liefde en de wijn

Er zijn nog een reeks halfgoden, zoals:
-Nandus,
-Aves,
-Swafnir,
-Horas,
-Kor
-Ucuri

die allen als kinderen of afstammelingen van twee goden gelden. Sommige stervelingen worden volgens de mythologie uitverkoren om de rangen van de onsterfelijken te vervoegen, zoals Marbo of Etilia. Anderzijds wordt Alveran ook bewoond daar andere entiteiten, zoals de 6 Hoge Draken, of Mythrael, Rondras hoogste Alveriaan, die de poorten van Alveran bewaakt en de zielen van de grootste helden naar het paradijs begeleidt.

Academische noot:
In werkelijkheid is het zo, en ieder academicus die zijn geschiedenis kent weet dit, dat deze ordening van de bovennatuurlijke wezens dateert van de openbaring van de geïllumineerde Illumnestra, wiens visioenen vorm kregen in het beroemde Twaalfgodenedict ofte Silem-Horasedict van 98 voor BV. Daarmee werd gepoogd paal en perk te stellen aan de wildgroei van sekten en bewegingen die in de Donkere Tijden had plaats gevonden. De grote inspanningen door Silem-Horas (en later natuurlijk ook vooral de priesterkeizers) om het edict concreet te maken hebben geleid tot een vrij uniforme theologie doorheen Avonturië. Dit neemt niet weg dat in bepaalde streken de invloed van het edict veel minder sterk is.
Zo is het edict nooit grondig doorgedrongen in de Tulamidische cultuur, waar het onderscheid tussen antieke stadsgoden, twaalfgoden of andere bovennatuurlijke entiteiten eerder kwantitatief dan kwalitatief heeft gewerkt. Ook in Thorwal is de synthese met het oorspronkelijk geloof niet volledig bevredigend, niet in de laatste plaats omdat de Thorwalers niet te spreken zijn over Praios, die het als god van gehate onderdrukkers (de preisterkeizers) flink verkorven heeft. Traditionele goden als Travia en Swafnir blijven er de boventoon voeren, los van de andere Twaalf. En heel wat Thorwalers zetten grote ogen op als men ze vertelt dat Swafnir maar een halfgod is, de zoon van Rondra en Efferd. Een laatste streek waar het twaalfgodenedict onbekend is gebleven, zijn de koninkrijken Andergast en Nostria. Gesticht door Guldenlandse kolonisten, vindt men in deze koninkrijken de gekende goden (zij het niet alle twaalf). De afwezigheid van het edict laat zich eerder voelen in de religiositeit betreffende de alom tegenwoordige natuurkrachten als oerwoud en rivier, of het gebrek aan onderscheid tussen goddelijke wezens en toverwezens: een elf of een dryade zullen er snel als “God” worden aanzien.
Ten voordele van het twaalfgodenedict kan echter worden aangevoerd dat de twaalf vernoemde goden de enige bovennatuurlijke wezens schijnen te zijn die hun dienaars voorzien van karmatische energie, die het mogelijk maakt om wonderen te doen. Het edict lijkt dus inderdaad overeen te komen met een zekere realiteit. Hoewel er over heel Dere een veelheid aan alternatieve godheden en cultussen moet bestaan, blijven deze meestal eerder ondergronds of beperkt in vorm, en kunnen hun dienaars geen machtige wonderen voltrekken.

En dan zwijgen we natuurlijk over de Naamloze

Goden

De terugkeer van de duisternis. Kramarsian